Boem, weg!

Boem, wegNa de dood van zijn vader verhuist de tienjarige Gino Verbeek met zijn moeder naar Enschede. Ze proberen er een nieuw leven op te bouwen, maar dat valt niet mee. Als Gino op 13 mei 2000 naar de stad wil om een moederdagcadeautje te kopen, ontploft er een groot vuurwerkmagazijn in zijn straat. Gino overleeft de ramp, maar de knal haalt zijn leven volledig overhoop.

Recensie

Een indringend verhaal over de vuurwerkramp in Enschede. De meeste kinderen die nu op de basisschool zitten, zullen waarschijnlijk niets weten over deze ramp, maar dit boek geeft een blijvende indruk van wat er gebeurd is. Sterker nog: kinderen die dit boek lezen, zullen net zo overdonderd zijn als Gino, de hoofdpersoon. Het verhaal, dat door hem in de ik-vorm wordt verteld, gaat vooral over de gebeurtenissen na de ramp: de zoektocht van Gino naar zijn moeder; de emoties; de pijn en de verwarring. In het verhaal wordt gesproken over vuurwerk, over knallen en over de ‘ramp’, maar nergens wordt echt precies uitgelegd wat er nu precies gebeurd is. Dat is voor de hoofdpersoon ook helemaal niet van belang.

Het is heel knap hoe de auteur in het verhaal heeft verwerkt in wat voor buurt de ramp plaatsvond; wat voor mensen daar woonden. De onzekerheid en het verdriet van Gino zijn ook heel realistisch verwoord. Op de website van de auteur kom je erachter dat het verhaal van Gino grotendeels autobiografisch is en dat merk je. Het kost geen enkele moeite om je in te leven in het verhaal en dat geeft aan hoe goed het boek is geschreven. Een boek dat je nog lang zal bijblijven…

Lestip

De vuurwerkramp in Enschede komt niet voor in de canon van Nederland. Daarvoor is de gebeurtenis te ‘klein’ en te plaatselijk geweest. Het heeft echter wel grote gevolgen gehad voor de wetgeving en de huidige vuurwerkdiscussies die er worden gevoerd maken deze ramp wel weer heel actueel. Daarom zou het helemaal zo gek niet zijn om op elke basisschool aandacht te besteden aan de vuurwerkramp. Laat kinderen maar weten hoe gevaarlijk vuurwerk kan zijn!

Ten tijde van de ramp was ik voor studie in het buitenland en ik weet nog goed dat ik met open mond naar de beelden zat te kijken. Ik dacht daadwerkelijk dat ik naar een oorlogsgebied zat te kijken en wist niet wat ik zag toen er een Nederlandse telefooncel in beeld kwam!

In een les over dit onderwerp kun je ook met zulke beelden beginnen:

Aansluitend zou je dit boek kunnen voorlezen. Het is niet dik – 134 blz. – naar natuurlijk wel te dik om in één les uit te lezen. Je zou er ook voor kunnen kiezen om alleen het eerste gedeelte voor te lezen:

BOEM, WEG! Zo (…) ramp ook overleefd?’ (blz. 7 t/m 49)

De auteur beschrijft de gebeurtenissen zo levensecht; daar kan geen uitleg tegenop. Ik denk echter wel dat kinderen na het lezen van bovenstaand fragment zullen willen weten of de moeder van Gino de ramp heeft overleefd. En het is goed om van te voren te weten dat dit niet het geval is… Door de beschrijving van de ramp weet je ook wel dat dat bijna niet anders kan, maar toch blijft het een heftig verhaal. Het zal in de klas dan ook best wat emoties los maken – wees daar wel op voorbereid.


Uitgeverij Gottmer, 2007


Genre: Verhalen
Tags: 2007, Enschede, Overijssel, Ramp, Rouwproces, Verdriet, Vuurwerk, Weeskinderen
Illustrator: Charlotte Dematons

One Response

  1. Marcel Vaarmeijer
    Marcel Vaarmeijer at · Reply

    Bedankt voor je mooie, oprechte recensie, Femke. Het is absoluut een leestip en zou heel goed op scholen als les- of voorleesmateriaal gebruikt kunnen worden.

    Groetjes,
    Marcel

Leave a Reply