Bibbervlees

BibbervleesBangelijke gedichten voor koelbloedige kinderen

Bang zijn in het donker, voor akelige liften, voor die pestkop uit je klas, voor prikgrage muggen… Iedereen is wel eens bang. Een heel vervelend gevoel.

Maar soms is bang zijn best wel fijn. Lekker griezelen bij een spannende film of boek bijvoorbeeld. Of hoog in de lucht in het reuzenrad of in de achtbaan.
In deze bundel vind je al deze onderwerpen bij elkaar.

Recensie

De cover én de achterkant waarschuwen je al: alleen voor koelbloedige kinderen! Of zoals de dichteres in het voorwoord in prachtig Vlaams zegt:

Dit boek is niet voor labbekakken of flauwe trienen!

Bibbervlees illustratie

©2019, Davidsfonds | Infodok, illustratie van Harmen van Straaten uit Bibbervlees

Meestal is dat voor kinderen voldoende aanmoediging om het boek juíst te pakken, maar in dit geval is het wel een boodschap om serieus te nemen. Karin Jacobs hoopt dat de lezer de gedichten griezelig grappig (of grappig griezelig) vindt, maar met sommige gedichten gaat ze wel erg ver. Zo worden Charlottes ledematen afgescheurd door een haai (‘Het bloed spoot alle kanten uit, vertroebelde zijn zicht | Toch kneep hij onverbiddelijk geen enkel oogje dicht.’) en is Opa kikkerdril wel érg enthousiast met een kappersschaar (‘Het laatste stukje ‘ik’ bloedt dood, | De keukenvloer kleurt donkerrood.’). Van het gedicht over Jantje ‘die geen handje wil geven’ en de straat over steekt, waarna er ‘brokjes hersens her en der op de stoep kleven’ werd ik daadwerkelijk een beetje misselijk. Dat klinkt eerder als een nachtmerrie dan als een grappig griezelig gedicht, en ik denk dat dat voor de meeste kinderen ook geldt, want het gedicht is veel te realistisch om grappig te kunnen zijn.

Hij heeft dus een nogal heftig begin, deze dichtbundel. De gedichten die volgen, zijn een stuk milder. Over een monster in de wc-pot bijvoorbeeld of een reuzenrad dat op hol slaat. Over een leeuwentemmer of een vleesetende plant. Over bang zijn om alleen in de auto te wachten of bang zijn om te gaan slapen. Of over het houden van een spreekbeurt of de angst om gepest te worden. Er is zelfs een gedicht over bang zijn voor Sinterklaas! Het lijkt erop dat de dichteres al haar eigen angsten en die van alle kinderen om haar heen heeft omgezet in een gedicht. Zo is er voor vrijwel iedereen wel herkenning te vinden in deze bundel. Sommige gedichten zijn een beetje wreed, maar dan inderdaad wel op een grappige manier.

De gedichten lezen zeer prettig, met een mooi ritme en allemaal op rijm. De kleurige, grote illustraties van Harmen van Straaten zijn een prachtige aanvulling, want behalve dat ze mooi zijn om naar te kijken, maken zij de gedichten nog wat grappiger en brengen ze daarnaast lucht en vrolijkheid in dit boek. En dat is, met een bundel vol met nachtmerries, wel zo fijn.

Lestips

Lees elke dag een gedicht, was de boodschap van kinderboekenambassadeurs Hans en Monique Hagen. Deze bundel is dan zeker geschikt om uit te putten. Hoewel niet élk gedicht even geschikt is voor de doelgroep (sommige zijn, zoals gezegd, iets té heftig wat mij betreft; andere zijn misschien juist weer iets te mild voor de bovenbouw), zijn er zeker gedichten bij die kinderen zullen aanspreken. Veel kinderen houden van griezelen!

  • Spreekbeurt (blz. 14) – Kun je natuurlijk goed gebruiken om de angst voor presenteren te bespreken in de klas.
  • Adolf der Barbaar (blz. 21) – Over dieren in het circus. Behoorlijk wreed-vies-griezelig-grappig gedicht!
  • Muggenplaag (blz .26) – Veel kinderen met muggenbulten? Dit gedicht geeft een bijzonder perspectief!
  • Luizenhuis (blz. 32) – Is het weer tijd voor luizenpluizen? Lees dan dit gedicht voor!
  • Monsters in ’t toilet (blz. 51) – Leuk om voor te lezen als de wc’s weer eens een bende zijn; een ludieke manier om de toiletten even onder de aandacht te brengen!

Davidsfonds | Infodok, 2019

 


Genre: Griezelverhaal, Non-fictie
Tags: 2019, Angst, Bang zijn, Dichtbundel, Gedichten, Insecten, Jezelf presenteren, Monsters, Poëzie
Illustrator: Harmen van Straaten

Leave a Reply