Taaldidactiek en leesonderwijs

Vorige week, vlak voordat de Kinderboekenweek 2020 begon, kwam het Nederlandse leesonderwijs weer flink in het nieuws. Aanleiding was een item van Arjen Lubach tijdens Lubach op zondag.

Lubach

PISA 2018

Bron: www.pisa2018.nl/resultaten/

Lubach verwees in dit programma naar de belabberde score van Nederland op het gebied van leesvaardigheid (PISA 2018), maar ook op het gebied van leesmotivatie. Geen nieuws eigenlijk, want dit was al een tijdje bekend. Maar Lubach gaf ook aan waar het probleem volgens hem mee te maken heeft: ons leesonderwijs en dan met name het vak begrijpend lezen. (“Brrrr”)

Ook dat hadden al heel veel mensen ‘in het vak’ bedacht – zelf schreef ik in 2017 ook al het artikel Leesmethodes de deur uit? – maar het is fijn dat de lees-cri-sis weer eens groot onder de aandacht is gebracht. Er moet namelijk toch echt iets gaan veranderen in het onderwijs! Gelukkig is er inmiddels ook al door heel veel mensen bedacht hóe het moet veranderen.

Effectief leesonderwijs

Effectief onderwijs in begrijpend lezenZo schreef de Taalunie vorig jaar al een uitgebreid rapport met daarin aanbevelingen en tips voor effectief onderwijs in begrijpend lezen. Je kunt het gehele rapport gratis downloaden (klik hier). Er verschenen eind vorig jaar zelfs zoveel artikelen en publicaties over leesonderwijs dat ik ze verzamelde in het artikel Lezen in het nieuws.

In dat artikel schreef ik ook al over de aanpak FOCUS op begrip van Anneke Smits en Erna van Koeven. De kern van deze aanpak is dat er gelezen wordt binnen thema’s, met behulp van rijke teksten. Deze aanpak komt overeen met de visie van Leesbevordering in de klas: gebruik kinderboeken als onderdeel van je lessen; laat kinderen lesstof opdoen door het lezen van kinderboeken en praat vervolgens ook over de inhoud van die boeken, want dat vergroot weer de motivatie en het begrip.

Begrijpend lezen is echter niet het enige ‘onderdeel’ van het leesonderwijs: om te kunnen begrijpen wat je leest, moet je allereerst ook kúnnen lezen. Technisch leesonderwijs is dus zeker zo belangrijk! Maar ook daar gaat er heel veel mis. Veel leerkrachten focussen teveel op avi of de DMT, waardoor kinderen teksten moeten lezen die ze weliswaar technisch aan zouden moeten kunnen, maar die totaal niet aanspreken. Of kinderen krijgen het gevoel dat lezen alleen maar nodig is om een hogere toetsscore te halen, in plaats van dat lezen hun plezier of kennis kan bieden.

Rijke taal

Rijke taalAnneke Smits (lector bij het lectoraat Onderwijsinnovatie en ICT van Hogeschool Windesheim) en Erna van Koeven (hoofddocent Educatie en Bewegen bij Hogeschool Windesheim en onderzoeker bij het lectoraat Onderwijsinnovatie en ICT) vonden dat het tijd was om hun gedachten over het huidige leesonderwijs niet meer alleen te delen via hun blog geletterdheidenschoolsucces.blogspot.nl, maar om dit ook in boekvorm uit te brengen. Dat resulteerde in het boek Rijke taal – Taaldidactiek voor het basisonderwijs (Boom uitgevers Amsterdam, 2020).

En wat een fijn boek is dat! Niet alleen geeft het boek een helder beeld van hoe goed taalonderwijs eruit zou moeten zien; het staat ook boordevol praktische tips. Vanzelfsprekend klinkt de visie van Smits en Van Koeven duidelijk door in het boek, maar deze visie komt niet zomaar uit de lucht vallen en wordt ondersteund door allerlei onderzoeken naar leesmotivatie en effectief leesonderwijs.

Net als Lubach uiten zij duidelijke kritiek op het huidige begrijpend leesonderwijs, maar ze bespreken ook de positieve aspecten van het inzetten van leesstrategieën. Daarbij geven zij wel duidelijk aan waarom het niet werkt om tevéél te focussen op leesstrategieën, signaalwoorden, spelling of woorddefinities, ofwel metacognitie.

Voor hen [leerlingen met een armere taalbasis] is oefenen met dit soort vragen een belastende schijnvertoning, gericht op goede antwoorden en zonder werkelijke metacognitieve activiteit, omdat zij daarvoor nog niet voldoende kennis- en ervaringsbasis hebben. Het helpt hen niet om tot beter begrip te komen, maar belast wel hun werkgeheugen. Zij hebben het nodig veel te lezen, veel te worden voorgelezen en na te denken over de inhoud van teksten en thema’s, bijvoorbeeld door erover te praten of te schrijven. (blz. 90)

In het boek gaan Smits en Van Koeven uitgebreid in op wel of niet toetsen, het aanvankelijk leesonderwijs, het begeleiden van kinderen met leesproblemen en het gebruik van kinderboeken en authentieke teksten (krantenartikelen bijv.) voor (begrijpend) leesonderwijs. Daarnaast besteden zij in het boek ook veel aandacht aan schrijf- en spellingsonderwijs. Verder is het goed om te weten dat het boek niet alleen gaat over rijke teksten, maar juist over rijke taal: mondelinge taalvaardigheid komt dus ook aan bod in dit boek.

Mooi is echter dat taaldidactiek in dit boek als één geheel wordt gezien. Mondelinge taalvaardigheid zou dus niet uit losse lesjes moeten bestaan, waarbij kinderen over nutteloze onderwerpen praten met elkaar; dat kun je natuurlijk prima combineren met ‘begrijpend leesonderwijs’ en wereldoriëntatie, waarbij je bijvoorbeeld met elkaar praat over een gelezen boek, dat weer aansluit bij het thema waar je projectmatig mee bezig bent gedurende een langere periode. Lezen, schrijfopdrachten en gesprekken moeten betekenis krijgen en nút hebben voor een kind. Voorbeelden van hoe je dat dan aanpakt, vind je genoeg in dit boek!

Het boek Rijke taal staat verder vol met prikkelende uitspraken, die je ongetwijfeld aan het denken zullen zetten over de vormgeving van je onderwijs. Smits en Van Koeven nemen duidelijke standpunten in, die voor sommige mensen best even slikken kunnen zijn. Zo geven zij krachtig en duidelijk aan dat in hun ogen ‘leesrijpheid’ niet bestaat, dat rijke teksten en boeken de basis van het taal- en leesonderwijs vormen, dat leerkrachten verantwoordelijk zijn voor het leesonderwijs (en dus niet de ouders) en dat het een onnodige vraag is om te vragen hoe de DMT omhoog kan bij leerlingen met serieuze leesproblemen. Elke uitspraak wordt heel duidelijk toegelicht, beargumenteerd en genuanceerd, waardoor je eigenlijk gedwongen wordt zelf ook goed na te denken over je eigen standpunten.

Rijke teksten

Een compleet hoofdstuk in het boek Rijke taal gaat over ‘rijke teksten’. Het lijkt bijna een modewoord te worden, want ook als het gaat om close reading of de nieuwste taalmethodes zul je het begrip ‘rijke teksten’ regelmatig tegenkomen. Maar wat zijn dat dan?? Simpel gezegd zijn het teksten die niet speciaal voor het onderwijs geschreven zijn (dus op avi of met speciale spellingscategorieën). Erna van Koeven en Anneke Smits hebben daar een duidelijk visie op en zij delen de kinderboeken – voor onderwijs in leesbegrip – dan ook op hun eigen manier in (B-, B en B+ bijvoorbeeld). Ze gaan in het boek ook verder in op het gebruik van boeken met het kenmerk Makkelijk Lezen, strips en teksten die op avi-niveau geschreven zijn.

Overzicht materialen voor kinderen met leesproblemenOpvallend genoeg verwijzen Elseline Knuttel en Dia Wesseling in hun handige document Overzicht van materialen voor kinderen met leesproblemen (te vinden op de website Leesletters.nl) ook naar een blog van Erna van Koeven en Anneke Smits en schrijven zij ook hoe belangrijk het is om rijke teksten aan te bieden. Vervolgens verwijzen ze in het document wel naar het Makkelijk Lezen-plein en allerlei dyslexieboeken en avi-reeksen. Begrijpelijk trouwens, want voor sommige kinderen kan dit net helpen om een boek toch (uit) te lezen.

Het indelen van kinderboeken op niveau – of het nu technisch leesniveau of belevingsniveau is – blijft gewoon ontzettend lastig. Mijn eigen ervaring is dat een boek dat op avi geschreven is, prima weg kan lezen of inhoudelijk bijvoorbeeld heel sterk kan zijn. Is het dan erg dat de zinnen wat minder lang zijn? Ook kan een A-boek tekstueel beter in elkaar zitten dan een B-boek en is een B-boek dus niet per definitie een betere keuze voor een leesles in groep 5 dan een A-boek (dat waarschijnlijk ook nog eens beter aansluit bij de belevingswereld van een 8-jarige).

Smits en Van Koeven geven in hun boek ook aan dat het beoordelen van jeugdboeken vanuit verschillende invalshoeken kan: als leesbevorderaar (‘Het maakt niet uit wat ze lezen, áls ze maar lezen!’), vanuit een literair perspectief (denk aan de Griffeljury), vanuit een pedagogisch perspectief (wat leren kinderen van dit boek) of vanuit een ideologisch perspectief (reflecteert het boek de normen en waarden van de school). Hoe kies je dus een boek? Het is een van de hoofdartikelen van deze website, maar ook in het boek Rijke taal krijg je tips voor het selecteren van boeken (Leesbevorderingindeklas.nl wordt ook genoemd!). Het maakt je in ieder geval heel bewust van het grote aanbod en de keuzes die je kunt maken. Wil je meer lezen over de indeling van kinderboeken, lees dan ook eens het artikel Leeshokjes vs. grenzeloos lezen.

Dyslectische lezers

Als je te maken hebt met moeilijke lezers, zoals dyslectische leerlingen of kinderen met een TOS, dan zul je dus zien dat je andere keuzes moet gaan maken. In het boek Rijke taal is aandacht voor RALFI en Yoleo, maar er wordt ook een duidelijk standpunt ingenomen met betrekking tot de kwaliteit van het leesonderwijs:

Voor leerlingen met leesproblemen geldt doorgaans dat er op school onvoldoende is ingezet op de boekencollectie, op de tijd voor lezen en op leeskilometers (25 boeken per jaar vanaf groep 4). (blz. 146)

Als je hier meer over wilt weten, kun je trouwens verder lezen in het boek Dyslectische kinderen leren lezen, van Anneke Smits en Tom Braams. Ik schreef daar eerder dit jaar al over en verwees in dat artikel ook al naar RALFI-lezen. Inmiddels heb ik nog een aanvullende tip!

KOBI app

Ingescande tekst: uit Het piranha-complot, Jozua Douglas, 2020

KOBI

Tijdens het RALFI-lezen liet ik kinderen namelijk vaak leesproblemen markeren met een stift of kleurpotlood. Zij markeerden de letter d bijvoorbeeld met een kleurtje en de letter b met een ander kleurtje. Daarvoor moest ik een kopie maken van de bladzijde die we lazen: de fragmenten kwamen namelijk vaak uit een gewoon kinderboek. Daar is nu ook een heel handige app voor: de KOBI app (hij staat ook in het hierboven genoemde Overzicht materialen voor kinderen met leesproblemen). Met die app kun je namelijk heel gemakkelijk tekst uit een boek scannen en vervolgens op je tablet of telefoon lezen.

KOBI appDaarbij kun je kleurtjes toekennen aan bepaalde letters of lettercombinaties! Ik moest meteen denken aan een jongen die élke keer het woord ‘het’ moest verklanken als hij het tegenkwam – zo vermoeiend voor hem! Wat zou het handig zijn geweest als hij dat lastige woord een kleurtje had kunnen geven – dan herken je het op die manier en lees je veel makkelijker door de tekst heen.

De KOBI app kun je trouwens ook heel goed gebruiken voor kinderen die net leren lezen.
Zo staat in het boek Rijke taal:

Het kan voor sommige leerlingen helpen om de aandacht voor een nieuwe letter in een rijtje woorden of in een verhaaltje te verhogen door die letter een opvallende kleur te geven. (blz. 181)

KOBI appDaarbij heeft de app ook nog een ‘leeshulp’ (wit balkje in zwarte achtergrond), kun je woorden laten voorlezen (dat werkte op mijn ipad alleen niet) of het lettertype aanpassen in zowel grootte als font. Ook superleuk: als je klaar bent met lezen, kun je een smiley plaatsen en krijg je een mooi overzicht van je behaalde aantal woorden van die dag! Meester Sander maakte er al een handig filmpje over, waarin je precies kunt zien hoe de app werkt. Op de website van KOBI vind je namelijk alleen een Engelstalig filmpje.

Kinderboeken lezen

De conclusie die uit het boek Rijke taal te trekken is – en waar Leesbevordering in de klas ook voor staat –  is toch vooral: gebruik kinderboeken om je leesonderwijs te verbeteren. Investeer in een goede schoolbibliotheek! Help kinderen om de juiste boeken te kiezen. Besteed voldoende aandacht aan voorlezen en boekpromotie. En daarbij gooi ik het motto van deze website er nog maar even in: Weet dus wat er te lezen is! Want met een goede boekenkennis kun je gemakkelijk inspelen op de interesses van je leerlingen, op de actualiteit of het thema waar je mee bezig bent in de klas. Reik de juiste boeken aan – dat zal uiteindelijk leiden tot meer leesmotivatie, kwalitatieve leeskilometers en dus een betere leesvaardigheid!


Rijke taal bol

Dyslectische kinderen leren lezen